vrijdag 5 april 2013

Alice's val in de diepte


Nadat Alice - in Alice in Wonderland -, brandend van nieuwsgierigheid, het konijn achterna is gedoken, all down into the rabbithole - valt ze door een lange schacht naar beneden. De val lijkt eindeloos te duren. Het houdt maar niet op. Haar bewustzijn dijt uit, haar besef van tijd verandert.

Zelf ben ik jaren geleden eens van de houten buitentrap bij mijn huis naar beneden gekukeld. In mijn handen droeg ik een schaal met etensresten die ik wilde weggooien. Ik verloor mijn evenwicht en dook voorover. De val duurde misschien niet meer dan een paar seconden, maar in die luttele seconden ervoer ik een wonderlijke vertraging van tijdsbewustzijn. Oh, ik ga vallen, dit gaat niet goed, als ik maar niets breek, als ik verkeerd terecht kom moet ik mijn afspraken van morgen afzeggen, hoe ziet mijn agenda er eigenlijk uit de komende week? O, ja morgen een afspraak met Frans, best belangrijk. Heb ik eigenlijk zijn telefoonnummer? Stel dat ik ongelukkig neerkom en iets breek, o, kijk daar vliegen de voedselresten uit de schaal, zie je wel ik duik voorover, dat betekent dat ik een koprol maak., kijk ik scheer langs de rozenstruik met die scherpe doornen, ik haal mijn arm open, etc.
De val veroorzaakte een verhoogde staat van bewustzijn. Mensen die een auto-ongeluk hebben gehad of aan de dood ontsnappen, kennen het ook. De tijd krijgt een andere dimensie, je kunt op wonderlijke wijze de hele zaak overzien, je hele leven passeert de revue. En na de val ziet de wereld er anders uit. Al is het alleen maar omdat je pijn hebt, iets gebroken hebt of geschrokken bent.
Het menselijke bewustzijn is iets vreemds en kan vreemde ‘tricks’ met je uithalen.

Wat betekent de val in het verhaal van Alice in Wonderland? Alice valt in slaap en valt daarmee door het gat van het alledaags bewustzijn in de wereld van het onbewuste, de wereld van symbolen. De vaste grond onder haar voeten raakt ze kwijt. Het kenbare, vertrouwde verschuift en vervaagt, zoals de Cheshire kat zelf verdwijnt en alleen zijn glimlach overblijft. Vreemd toch?

In films en verhalen is de val een terugkerend motief om aan te geven dat de hoofdpersoon in een andere bewustzijnsdimensie terechtkomt. Een nieuwe fase. In The Matrix komt ook een mooie val voor. Neo leert van Morpheus hoe hij kan leren vertrouwen op de kracht van zijn gedachten en overtuigingen. Morpheus doet voor hoe hij van het dak van de ene wolkenkrabber naar de andere kan springen. Neo probeert het, maar vertrouwt het nog onvoldoende. Hij is nog niet zover en duikelt honderden meters naar beneden. De landing is zacht, Neo zit nog in een leerproces, maar belandt wel in een nieuwe fase van zijn ontwikkelingsproces.


Om de magische regionen van een nieuwe dimensie binnen te gaan en ons bewustzijn te verruimen, moeten we overwinningen boeken op onszelf, het vertrouwde achterlaten evenals onze ideeën en aannames over hoe het leven werkt. Dit is overigens geen sinecure. We houden liever vast aan het bekende. Maar om te groeien, om onze ontwikkeling in gang te zetten is loslaten en vallen nodig. En niet te vergeten een liefhebbende en geduldige mentor die zorgt voor zachte landingen. Morpheus of misschien wel het witte konijn.

Wanneer ben jij in een nieuwe dimensie gevallen? Wanneer heb jij moeten loslaten? En wat leverde het op?

Dit verhaal is ook als column verschenen op de site van het Storytellingevent.nl - Volg het witte konijn 


woensdag 20 maart 2013

Waar gaat het eigenlijk over, Thé?

Op zoek naar de belofte in een verhaal


Verhalen vertellen is een kunst. Als ik vroeger op de middelbare school moest uitleggen waarom ik mijn proefwerk niet geleerd had, hielp het als ik van tevoren een overtuigend - bij voorkeur aangrijpend - verhaal had voorbereid. Iets met ziekte en ongelukken hielp altijd goed. Met een beetje verbeeldingskracht en raffinement kon je zo veel leraren om de tuin leiden. Verhaaltjes verzinnen vond ik sowieso leuk. Ik heb er mijn vak van gemaakt.

Het nieuwe goud

En nu... Verhalen zijn het nieuwe goud. In organisaties, bij leiderschapskwesties, PR en marketing begint men het door te krijgen. Met een goed verhaal heb je wat in de melk te brokkelen, kun je inspireren en motiveren en zelfs zaken voor elkaar krijgen die zonder een goed verhaal niet zouden lukken. Verhalen beklijven beter dan feiten. Er zijn boeken vol geschreven over de kracht van verhalen, de impact van verhalen, waarom ons brein verhalen beter onthoudt, waarom leiders een goed verhaal moeten hebben, over storytelling in marketing en nog veel meer. Dat is mooi, want brood op de plank voor mij als storyteller. Maar pas op...

Misleiding

Want goed vertelde verhalen zijn gevaarlijk. Ze kunnen behalve je ontroeren, inspireren en motiveren ook heel veel andere dingen: ze kunnen je erin laten stinken, ze kunnen je wat op de mouw spelden, ze kunnen de boel verdraaien, ze kunnen je bedriegen, ze kunnen je illusies voorspiegelen, ze kunnen je om de tuin leiden, iets door de strot duwen, ze kunnen je bang maken voor niets, ze kunnen je onder valse voorwendselen kapen, ze kunnen je verblinden, in een roes brengen, ze kunnen je voorliegen, voor de gek houden, ze kunnen je monddood maken, ze kunnen je ziek maken, ze kunnen je nachtmerries bezorgen.

Trukendoos

Verhalen vertellen is een grote trukendoos. Als scenarioschrijver heb ik daar jarenlang op geoefend: hoe je oorzaak en gevolg zo kunt presenteren dat het geloofwaardig en invoelbaar wordt wat je vertelt. Hoe je de zaken zo presenteert dat ze volstrekt vanzelfsprekend zijn en logisch. 
Verhalen vertellen is een hele kunst. Want hoe vertel je een verhaal goed? En is dat een goed verhaal of een fout verhaal? Je kunt een goed verhaal goed vertellen, maar je kunt ook een 'fout' verhaal 'goed' vertellen. Dat heeft de geschiedenis ons wel geleerd.

Onderscheid

Hoe onderscheid je verhalen die deugen van verhalen die bedriegen? Het antwoord is: door de volgende vraag te stellen: 'Waar gaat het eigenlijk over Thé?'
Deze hilarische, onvergetelijke en terugkerende vraag uit de geniale serie Theo & Thea, met Arjen Ederveen en Tosca Niterik, zorgde ervoor dat het spel even werd stilgelegd, waardoor kon worden afgestemd op de thema's, de onderliggende boodschap, de kern van de zaak. 
En deze vraag kunnen we in deze tijd waarin verhalen rond gaan heel goed gebruiken. 'Waar gaat het eigenlijk over, Thé?'

Belofte

Het gaat dan niet om het letterlijke verhaal, of de anekdote zelf, maar om de dieper liggende symbolische betekenis, om een universele waarde, om de belofte die erin verpakt zit. Met deze vraag kun je moeiteloos onderscheid maken tussen verhalen die hoop en perspectief bieden en verhalen die bang maken en behoudzucht of hebzucht prediken. Een goede testcase is altijd: welk gevoel wordt er door dit verhaal bij mij getriggerd? Is dat een gevoel wat mij vooruitbrengt of mij juist vastzet?

Hamvraag

'Waar gaat het eigenlijk over Thé?' 
Laten we deze vraag tot hamvraag bombarderen bij alle verhalen die langskomen zeker in een tijd waar iedereen met storytelling aan de gang gaat. Wat voor verhalen en verhaaltjes worden er eigenlijk verteld? Zijn dat grote verhalen? Zijn dat verhalen die inspireren? Zijn dat verhalen die ons vooruithelpen en ons een punt aan de horizon schetsen? Zijn het verhalen die verbinden? Of zijn het verhalen die ons maatregeltjes in de maag splitsen, die ons verdelen of ons aanzetten tot hebzucht of angst? Slimme verhaaltjes om ons aan te zetten tot overbodige aankopen? Of verhaaltjes met standpuntjes en meninkjes, van kleine mannetjes en kleine vrouwtjes...
Wat voor verhalen zijn het? En waar gaan ze eigenlijk over, Thé?

Geschreven door Mieke Bouma op Storytelling Matters op vrijdag, 01 februari 2013.

De kapitale kracht van geluk



Het geluk volgens Ricardo Semler
‘Hoe kan ik van mijn werknemers de gelukkigste medewerkers van de wereld maken?’ Ricardo Semler was gitarist toen hij een jaar of 30 geleden de fabriek van zijn vader overnam. Zo’n fabriek leiden daar had hij eigenlijk helemaal geen zin in, want hij volgde liever zijn passie. Maar door die bewuste geluksvraag te stellen slaagde de Braziliaan erin een imperium op te bouwen en is hij inmiddels een van de rijkste  - en gelukkigste - ondernemers van de wereld.

De kapitale kracht van geluk

Tegenlicht van de VPRO zond onlangs een documentaire uit over Semler en ik bleef aan de buis gekluisterd. Ik wilde weten: hoe kan je door geluk zo rijk worden? Hoe pak je dat aan?
Semler zag bij aantreden onmiddellijk dat de medewerkers in de oude hiërarchische piramide structuur maar weinig reden tot tevredenheid hadden, laat staan dat ze gelukkig waren. Hij begon met het wegsnijden van alle onnodige extra’s en voorrechten die goed waren voor het ego, maar slecht voor de resultaten. Hij maakt een einde aan alle regels en procedures en begon ermee mensen verantwoordelijkheid en vertrouwen te geven. Hij liet ze meebeslissen en meedelen in de winst. De medewerkers leerden dat ze vrij zijn om te werken zoals ze zelf willen en wanneer ze willen, dus ook wanneer en hoe lang ze in een hangmat hangen. Semler luisterde naar hen en liet ze vertellen wat hen frustreerde, waar ze aan twijfelden, hoe ze hun toekomst zagen en creëerde zo een vruchtbare bodem – ook voor meningsverschillen. Hij vroeg zich af: waar is hier nu wezenlijk behoefte aan? Wat hebben deze mensen ten diepste nodig? 
Semler stelt geluk voorop, ook voor zichzelf. Hij vertoont zich inmiddels nauwelijks meer in de fabriek. Zijn medewerkers doen het op eigen kracht, met liefde voor de zaak. Semler zelf besluit – terwijl hij sigaren rokend uitkijkt over zijn landerijen - iedere dag opnieuw wat hem die dag het meest gelukkig zou kunnen maken, en wat hij uit zijn agenda zou kunnen schrappen om nog meer ruimte en tijd te hebben voor zichzelf. 

De eigen goudmijn aanboren

Wat kunnen we van Semler leren? In ieder geval kunnen we elke dag bepalen wat we het liefste doen. Maar kunnen organisaties echt succesvol worden door geluk voorop te stellen? Zijn de ‘softe’ begrippen als liefde, plezier, vertrouwen en vervulling dan toch geen idealistisch prietpraat? Hoe vaak hebben we niet te horen gekregen dat je als ondernemer alleen maar succesvol kunt zijn als winst en geld verdienen de primaire doelstelling is. Maar we zien om ons heen dat bedrijven die geld als hoogste doel hebben gestald en masse omvallen en dat bedrijven die duurzame waarden hoog in het vaandel hebben overleven. Geld is niet hetzelfde als geluk. Geld kan nooit het doel op zich zijn. Maar geluk kennelijk wel. Semler leerde mensen hun eigen goudmijn aan te boren door hen te vragen waar ze blij van worden en wat ze denken bij te kunnen dragen aan het grotere geheel.

Zoektocht

Onze eeuwige zoektocht naar geluk, eenheid, liefde en vervulling vormt de basis voor alle verhalen die we elkaar vertellen. Daar had Aristoteles het al over in zijn Poëtica. Het begint allemaal met een gevoel van onvrede, we willen een nieuwe fiets, een nieuwe baan, een andere partner. Vervolgens komen we in beweging en gaan proberen het te realiseren omdat we denken daar gelukkiger van te worden. Daarbij jagen wij soms als blinde kippen iets na en raken volkomen van het pad af. Maar dat hoort allemaal bij de beperking van onze menselijke soort en levert op zich mooie verhalen op (tragedies en komedies). Want bij geluk hoort ook pech en dwaling. We moeten vaak door de diepste duisternis om het ultieme geluk of de heilige graal binnen te halen.
En dan, zodra de nieuwe fiets in de schuur staat of die nieuwe partner naast je op de bank zit, begint er alweer een nieuw ongenoegen te knagen en een nieuw verlangen te kriebelen en begint er een nieuw verhaal. Boeddhisten noemen dit eeuwige najagen ‘Maya’, de sluier van illusies, die ons verhindert het ware geluk te vinden. En dat is ook zo, want de nieuwe fiets, de andere baan of de nieuwe partner die we willen staat symbool voor iets wat we – eigenlijk, wezenlijk – nodig hebben: vrijheid, verbondenheid, erkenning, vervulling, etcetera. 

Willen versus nodig hebben

Als scenarioschrijver/auteur stel ik mezelf bij het schrijven van verhalen en scripts en het creëren van personages altijd die vraag: wat wil dit personage (the want) en wat heeft de situatie - eigenlijk – nodig (the need)? Daar zit hem namelijk precies het drama, het contrast, met andere woorden: het verhaal. Willen – the want - is vaak iets van ego, terwijl ‘the need’ iets wezenlijk is, een kwestie van de ziel. ‘The need’ gaat over waar er – ten diepste - behoefte aan is. Het zou zo mooi zijn als we in ons dagelijks leven – net als Semler - meer aandacht zouden kunnen besteden aan ‘the need’. 

Storytelling

En hier komt Storytelling om de hoek kijken. Want door – net als Semler - te luisteren en op zoek te gaan naar waar mensen gelukkig van worden, en er achter te komen waar behoefte aan is, komen mensen letterlijk en figuurlijk ‘op verhaal’. Wie ben je? Waar word je blij van? Wat heb je nodig? Wat is jouw unieke bijdrage? Vragen waar mensen van groeien en bloeien. Hoe kun je dit nu in de dagelijkse praktijk van organisaties toepassen?
Drie tips om met behulp van storytelling het geluk te bevorderen:
1. VERHAALKRINGEN
Organiseer met regelmaat verhaalkringen of anekdotecirkels; luister naar de verhalen van alle medewerkers. Wissel voorbeelden uit waar men trots op is, maar verzamel ook blunders, ergernissen en frustraties. Vraag naar verlangens en wat iedereen nodig heeft om zich vrij te voelen. Doe dit elke maand en nodig iedereen uit. Van schoonmaker tot CEO. 
2. LUISTER NAAR KLANTVERHALEN
Wie zijn de klanten? Luister naar hun verhalen en bevindingen. Hoe ervaren ze jullie diensten en producten? Dit geldt net zo goed voor scholen, zorgaanbieders als voor commerciële bedrijven. Klopt het beeld dat de klanten of afnemers van jullie hebben met wie jullie zijn? Wat hebben ze nodig? Waar zouden ze blij van worden?
3. WOW-stories
Verzamel naar het voorbeeld van het Ritz Carlton voorafgaand aan iedere meeting ‘WOW stories’: uit welke concrete anekdoten blijkt de excellente service aan de klant? 
Storytelling is goed luisteren. Dat leidt tot groter geluk. Zowel bij degene die luistert als bij degene die ‘gehoord wordt’. Wil je de documentaire van Semler graag in z'n geheel zien? Bekijk hem hier.

dinsdag 1 januari 2013

Geen last - een parabel uit de Tao..


‘Als we maar gelukkig zijn dit nieuwe jaar…’, zei iemand toen we nieuwjaarswensen uitwisselden.

Ik moest denken aan een parabel uit de Tao.

Een koning die al een hele tijd niet gelukkig was, raadpleegde zijn arts. ‘Maak me gelukkig, dan zal ik een rijk man van je maken, zo niet dan hak je kop eraf.’
De arts was wanhopig. Want hoe maak je iemand gelukkig? Maar hij beloofde erop te mediteren. Na een week mediteren dacht hij het gevonden te hebben. Hij zei tegen de koning: ‘Als u het hemd zou kunnen krijgen van iemand die gelukkig is, dan zult u weten wat geluk is.’
‘Zoek zo’n hemd!’, riep de koning uit. De arts ging op weg en bezocht de rijkste man van het land en vroeg hem om zijn hemd. Maar de man zei: je mag zoveel hemden van me hebben als je wilt, maar ik ben niet gelukkig.’
De arts zocht heel veel mensen op, maar niemand was gelukkig.
Toen hoorde de arts in de nacht een mooie melodie. Hij vroeg zich af wie dat was, die zo mooi speelde en besloot op zoek te gaan.
Bij de rivier in de diepste duisternis vond hij een man die op zijn fluit speelde. Het was prachtige muziek waar je onmiddellijk heel blij van werd. De arts was opgetogen. Nu heb ik eindelijk iemand gevonden die gelukkig lijkt te zijn.
‘Mag ik uw hemd?’, vroeg de arts.
De fluitspeler antwoordde: 'ik heb geen hemd. U kunt dat niet zien, want het is donker, maar ik heb helemaal geen kleren.'
‘Hoe kunt u dan gelukkig zijn?’, vroeg de arts
De man zei: de dag dat ik alles kwijtraakte werd ik gelukkig. Ik heb niets, ik heb mezelf niet eens. Ik speel niet op een fluit, het universum speelt door mij heen. Ik heb geen enkele last, niet van mijzelf, niet van spullen, niet van verplichtingen, goederen of kleren. En daarom ben ik gelukkig…



zondag 18 november 2012

(Over) vloed


Moest ik laatst ineens 5000 euro belasting betalen... Heb ik zoveel verdiend?, vroeg ik me geschrokken af.
Als ZZP’er met een creatief vak gedraagt mijn geldstroom zich als eb en vloed. Soms baad ik voor mijn gevoel in het geld, en dan is het weer in geen velden of wegen te bekennen. Soms tref ik een verrassend bedrag aan op mijn bankrekening, maar daarover moet ik dan weer belasting betalen of BTW over afstaan. Dan is het weer op en moet ik weer een tijdje zuinig aan doen.
Bijvoorbeeld na een lange zomer zonder opdrachten is de bodem van de schatkist vaak weer totaal bereikt en begin ik weer aan tal van nieuwe projecten en klussen die geld opleveren.
Ik heb geen spaartegoeden en geen pensioen in het vooruitzicht. Mijn man is ook een creatieve ZZP’er en dus zal ik de rest van mijn leven mijn creatieve talenten moeten inzetten om geld te verdienen.
Ik ben er aan gewend en ik kan me bijzonder rijk voelen met het leven wat ik leid.
Toch is de geldstroom regelmatig met zorgen en een beetje angst omgeven. Alleen heb ik ondervonden dat zorgen en angst averechts werken. Sterker nog... hoe meer zorgen, hoe langer het eb blijft. Dus weg met die zorgen, strijk die rimpels glad (Shakespeare). Hoe meer ik vertrouw op de gedachte dat het na eb weer vloed wordt (lees: overvloed) hoe meer ik kan ontspannen en hoe creatiever ik word en dan zwelt de stroom vanzelf wel weer aan. Geld is emotie. Geld is vertrouwen, dat zeggen ook de economen. Dus ik ben niet gek.

Een parabel die daarover gaat, sprong in mijn herinnering toen ik onlangs een workshop organiseerde voor vrouwen en hun verhalen over geld.
Het is de gelijkenis van de talenten. En let wel: het woord ‘talent’ verwijst niet alleen naar geldwaarden maar ook naar persoonlijk talent of begaafdheid. Ook in de Tarot verwijzen de pentagrammen naar zowel geld als talent.

Het verhaal gaat als volgt.

Een rijke man die op reis ging, riep zijn dienaren bij zich en vertrouwde hun zijn eigendommen toe. Aan de ene gaf hij vijfduizend goudstukken, aan een andere tweeduizend en aan een derde duizend; ieder kreeg wat hij aankon. Toen vertrok hij. Onmiddellijk ging de dienaar die vijfduizend goudstukken had gekregen, er zaken mee doen en hij verdiende er vijfduizend bij. Zo deed ook de tweede en hij verdiende er tweeduizend bij. Maar de dienaar die duizend goudstukken had gekregen, ging een gat graven en verstopte het geld van zijn heer daarin.
Toen de man na een lange tijd terugkwam riep hij hen ter verantwoording. De dienaar die vijfduizend goudstukken had gekregen, kwam naar hem toe en overhandigde hem nog vijfduizend goudstukken extra.
Mooi, zei zijn heer. Je hebt het goed gedaan. Je mag de tienduizend goudstukken houden en ik zal je over iets groots aanstellen. Kom binnen en vier feest met mij.
Toen kwam de dienaar die er tweeduizend had gekregen en die zei: u hebt mij er tweeduizend gegeven, en kijk, ik heb er tweeduizend bijverdiend.
Uitstekend, zei zijn heer. Je bent een goed en trouw dienaar. Iets kleins heb je goed beheerd, nu zal ik je over iets groots aanstellen. Je krijgt er tweeduizend bij. Kom binnen en vier feest met mij.
Toen kwam de dienaar die duizend goudstukken had gekregen en die zei:
Ik weet dat u streng bent; u maait waar u niet gezaaid hebt, en u oogst waar u niet hebt uitgezet. Ik was bang en ben daarom uw geld in de grond gaan verstoppen. Hier hebt u het weer terug.
De man reageerde: Jij ben een slechte, luie dienaar! Je wist dus dat ik maai waar ik niet gezaaid heb, en oogst waar ik niet heb uitgezet. Waarom heb je mijn geld dan niet op de bank gezet? Dan had ik het bij mijn thuiskomst met rente kunnen opvragen. Geef me die duizend goudstukken terug en geef ze aan hem die er al tienduizend heeft! Want iedereen die iets heeft, krijgt nog meer en heeft overvloed. Maar wie niets heeft, hem zal wat hij heeft nog worden afgenomen. En gooi die nutteloze dienaar eruit, de duisternis in! Daar zal hij huilen en knarsetanden!"




Toen ik deze gelijkenis als kind hoorde (kinderbijbel), begreep ik hem niet goed. Dit was toch onrechtvaardig! Die derde man kreeg al minder en nu hij uit zorg en angst de goudstukken voor de zekerheid goed had opgeborgen, kreeg hij toch zo’n straf!
Later begreep ik dat het in dit verhaal niet zozeer om geld ging maar om de inzet van talenten. En dat geld en talent nauw verbonden zijn, ja zelfs inwisselbaar zijn. Als je talenten krijgt, moet je er mee werken en dan zal de overvloed je deel zijn. Als je niets doet met de jouw geschonken talenten, als je uit angst en zuinigheid de boel in de grond stopt, zal je (innerlijke) armoede lijden en een nutteloos gevoel overhouden, ja zelfs huilen en tandenknarsen.

Het is een diep spirituele les, dit verhaal. Je bent een dienaar of dienares van de talenten die je gekregen hebt, en het enige wat je te doen staat is ze maximaal in te zetten. Daarmee creëer je vanzelf weer '(over-)vloed'. 
Zou het zo ook op mondiaal niveau werken? En is het nu eb?